Als, hopelijk gewaardeerd, lid van een stembureau moest ik de vrouw met wie ik het bed deel vragen wie ze eigenlijk wel is. Een mede stembureaulid moest dezelfde vraag stellen aan haar moeder en gelukkig nam mem de vraag vrolijk op. In beide gevallen bleken, oh wonder, de persoonsgegevens overeen te komen met de persoon die voor ons stond. Een duidelijke zucht van opluchting ontsnapte onze kelen.
Want het zal je toch overkomen dat je vrouw je vrouw niet blijkt te zijn of je moeder niet je moeder. Ik moet niet aan de consequenties denken.
Maar heel eerlijk, je krijgt haast plaatsvervangende schaamte.
Oh ja, mijn vrouw slaapt nu in een andere kamer, omdat ik de indruk wekte haar niet te herkennen. Ik begrijp er niets meer van.
Het moet toch niet gekker worden dat we in de situatie zijn gemanoeuvreerd waar ik mijn vrouw, mijn buren, mijn zoon, dochters, vrienden moet vragen naar een legitimatiebewijs omdat ik anders niet mag geloven dat zij zijn die ze beweren te zijn.
Zijn we nu helemaal van god los.
Heel navrant is vervolgens dat in discussies daarover, men het ondertussen heel normaal is gaan vinden om aan een bekende te vragen zich te legitimeren. Men vindt het ondertussen een legitieme motivatie om rechtsongelijkheid te voorkomen? Om rechtsongelijkheid te voorkomen! En omdat het in de wet staat. Hoe bedenk je het, hoe verzin je de motivatie en waarom accepteren we dat klakkeloos?
Mijn buurman verdient vele malen meer dan ik. Als dat niet een vorm van rechtsongelijkheid is en ik schiet mijn buurman toch ook niet neer omdat het in de wet staat. S.v.p. graag betere motivatie. Wellicht dat ik het dan wil overwegen.
Een legitieme reden voor legitimatieplicht is, denk ik voor niemand een probleem mits de reden begrijpelijk en logisch is.
Nu waren er vele stemgerechtigden die hun verbazing niet onder stoelen of banken staken, zijn velen niet teruggekomen, hebben velen de legitimatieplicht gelaten geaccepteerd, omdat men het gebruik maken van stemrecht belangrijker vond of men verliet boos (of diep beledigd?) het stemlokaal. Jammer, jammer.
Niet alleen om de verloren gegane stem, wel om het onpersoonlijke of wellicht de onmenselijke van de vraag. En wij stembureauleden bleven de stomme vraag steeds weer herhalen omdat de wetgever het ons verplicht en we deden het nog ook: “Piet hoe heet je, Klaas wat is naam, Grietje hoe gaat het er nu mee en hoe is het met …., maarre wat is je naam? Geen schriftelijk bewijs? Sorry, Piet, Klaas, Grietje.”
En dan wil niet eens het feit noemen dat het niet zo mag zijn dat voor een democratisch grondrecht, als het stemrecht, moet worden betaald. Principieel verschrikkelijk onjuist.
Het hebben van een legitimatiebewijs is nu eenmaal geen verplichting. Daar mag alleen naar worden gevraagd indien daar aanleiding toe is.
Dus als u niet van plan bent om over de stoep te fietsen e.d. is een legitimatiebewijs onnodig.
U moet dan alleen zo een document aanschaffen om van een democratisch grondrecht gebruik te kunnen maken. Het gaat niet om het geld, want haast iedereen heeft wel een persoonsbewijs of iets dergelijks, zo ook ik. En voor een heer van stand speelt geld geen rol. Het gaat om het principe dat in de beurs moet worden getast om van het stemrecht gebruik te kunnen maken.
Een tekst of vergelijkbaar als het om legitimeren gaat zou kunnen zijn: “de identiteit van de persoon moet ondubbelzinnig duidelijk zijn voor een of meer …. vult u maar in. In dit geval zou er “stembureauleden.” kunnen staan.
Beste mensen, beste bestuurders laten we a.u.b. weer terugkeren naar de menselijke maat. Want proteststemmers worden niet geboren, die worden gemaakt.
Wietse Martens, Wergea
Laatste wijziging: 10-03-2010 16:48
|