| 20111109, De Bistedokter: Jeuk |
Jeuk
Of jeuk erger is dan pijn zult u me niet horen beweren, maar jeuk is absoluut niet leuk. Bij onze huisdieren onderscheiden we een drietal hoofdoorzaken van jeuk. Met stip op nummer één staan de uitwendige parasieten. Denk dan vooral aan vlooien; maar natuurlijk ook aan schurftmijten. Ook veel voorkomend is voedingsallergie. Dat wil zeggen een overgevoeligheid voor bepaalde bestanddelen uit de dagelijkse kost. Dat kan niet alleen maagdarmklachten geven maar ook jeuk. En als derde moet ik atopie noemen. Die laatste is een verzameling allergieën van andere oorsprong dan uit de voeding. Het principe van atopie is te vergelijken met hooikoorts bij mensen. Echter, in plaats van traanogen, snotteren en niezen zorgt het allergeen (de veroorzaker) bij onze huisdieren voor jeuk en dientengevolge krabben, kratsen en bijten en daardoor weer ontstekingen van de huid.
Om het in kwaakspraak te duiden, een dier met schurken en scheuken is zelden een zorgeiser (spoedpatiënt), noch eentje met beperkte mogelijkheden. Het is veeleer een recidiverende zorgvrager. Uiteraard dien je de oorzaak aan te pakken: de kriebelende kruipers bestrijden of, in geval van voedingsallergie, een speciaal dieet voorschrijven. Atopie is een lastiger verhaal. Soms is de jeuk seizoengebonden zoals bij bijvoorbeeld pollenallergie. Bij overgevoeligheid voor huisstofmijt zal deze echter het hele jaar door spelen. In het eerste geval kun je incidenteel met medicatie de jeuk bestrijden. Meestal wordt daarvoor prednison of afgeleiden daarvan gebruikt. Deze medicijnen continue voorschrijven is niet bepaald gezond en dus in geval van huisstofmijtallergie niet aan te raden. Wat dan wel te doen? Het is immers een schier onmogelijke opgave een dier nooit meer in contact te laten komen met dergelijke allergenen.
Laat ik Lobke als voorbeeld nemen. Lobke is een schuchter Jack Russellteefje van twee. De hele afgelopen zomer verhaarde ze vreselijk en had ze jeuk, vooral tussen de tenen. Na uitgebreid onderzoek en overleg besloten we een bloedonderzoek te laten doen op allergie. Dat is minder bewerkelijk dan een huidtest en geeft wel een zeer goede indicatie waar een dier overgevoelig voor is. Van die allergenen uit de bloeduitslag waar de patiënt het heftigst op reageert kan een speciale injectievloeistof worden gefabriceerd waarmee Lobke vervolgens met steeds langere tussenpozen en in steeds hogere doseringen moet worden geïnjecteerd. Zo wordt het afweerapparaat van het terriertje minder gevoelig gemaakt voor de stoffen die verantwoordelijk zijn voor de jeuk. Het injecteren is verder een fluitje van een cent en vrijwel iedere eigenaar te leren. We gebruiken deze therapie al een paar jaar en het percentage honden dat er goed op reageert overtreft tot nu toe de 75% die door de firma die dit procedé ontwikkelde wordt aangegeven. Als de therapie aanslaat zal de patiënt echter maandelijks geprikt moeten worden tot het einde van zijn of haar zorgcarrière.
Bron: De Bistedokter, Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Laatste wijziging: 14-11-2011 16:50 |
|





